Bewoning door kraakwacht leidde niet tot verlies hypotheekrenteaftrek eigen woning

Het door een kraakwacht tijdelijk laten bewonen van de eigen woning leidt onder omstandigheden niet tot het verlies van de kwalificatie ‘eigen woning’ met onder meer een eventueel verlies van hypotheekrenteaftrek tot gevolg. Dit blijkt uit een recent arrest van de Hoge Raad.

In de onderhavige procedure had de eigenaresse van de woning, gedurende haar uitzending naar het buitenland door haar werkgever van 1 september 2007 tot 1 april 2010, haar woning tijdelijk door een student laten bewonen. De reden hiervoor was om te voorkomen dat de woning gedurende haar afwezigheid zou worden gekraakt of ingebroken. De student bewoonde een logeerkamer, betaalde geen huur maar een bijdrage in de energiekosten van € 1.250 voor een periode van tweeënhalf jaar en zou de woning weer moeten verlaten zodra de eigenaresse dat noodzakelijk achtte. De kraakwacht liet zich op 25 september 2007 in de gemeentelijke basisadministratie op het adres van de woning inschrijven. Gedurende haar afwezigheid is de eigenaresse nog enige malen teruggekeerd naar haar woning, mede in verband met haar werkzaamheden. De inspecteur was van mening vanaf 25 september 2007 geen sprake meer was van een eigen woning, omdat de woning aan een derde ter beschikking was gesteld.

De Hoge Raad was het niet met de inspecteur eens. Een woning die door de eigenaar niet meer als hoofdverblijf wordt gebruikt, maar voorheen wel, kan onder voorwaarden toch als een eigen woning kwalificeren. Een van die voorwaarden is dat de woning niet aan een derde ter beschikking wordt gesteld. Uit de wetsgeschiedenis maakte de Hoge Raad op dat daarmee wordt bedoeld dat de woning niet wordt verhuurd en ook niet wordt gedoogd dat de woning door derden wordt bewoond. Voor een situatie als in de onderhavige is geen sprake van een ter beschikking stellen aan een derde. De Hoge Raad zag voor zijn beslissing ook aanknopingspunten bij de wetsgeschiedenis van enige andere bepalingen over de eigen woning, en wel voor situaties van leegstand van de eigen woning in afwachting van verkoop of verbouwing. Voor deze situaties was opgemerkt dat bewoning door een kraakwacht niet leidt tot het ter beschikking stellen van de woning aan een derde.

De beslissing van de Hoge Raad ligt overigens in een lijn met een standpunt van de staatssecretaris van Financiën uit een beleidsbesluit van 21 juni 2002.

Bron: Hoge Raad, 7-6-2013, nr. 12/05459.